Manieren van bevallen

Verschillende manieren van bevallen
Wanneer de verloskundige aangeeft dat je mag gaan persen, zijn er verschillende houdingen waarin je dit kunt doen. De verloskundige zal trouwens meestal eerst kijken hoe je uit jezelf perst. Wanneer je daar wel wat 'hulp' bij kunt of wilt gebruiken, geeft ze je instructies om dit effectiever te laten verlopen. De pershouding waar jij het prettigst bij voelt, is heel persoonlijk en zeker niet voor iedere vrouw hetzelfde. Er zijn een aantal verschillende houdingen en het kan prettig zijn deze manieren tijdens het persen af te wisselen. We geven je per pershouding een korte omschrijving met de eventuele plus- of minpunten van die specifieke houding;

Halfzittend op bed
In deze houding leun je met je rug een beetje achterover tegen een losse ruggensteun of een verstelbaar hoofdeind. Gebruik hierbij liever geen losse kussens omdat die gemakkelijk weg kunnen glijden. Je zet je benen gespreid voor je, waarbij je met je vlakke voeten op het bed steunt. Houd je armen gebogen en leg je handen ontspannen op je knieën. Omdat je in deze houding met je lichaamsgewicht op je stuitje en heiligbeen rust, vinden sommige verloskundigen dit geen goede houding. Het onderste gedeelte van je wervelkolom moet namelijk juist vrij kunnen bewegen om je baby door het baringskanaal te laten passeren.
[Naar boven]

Op de baarkruk
Een baarkruk is een krukje met een opening aan de voorkant van het zitvlak. In deze verticale houding kun je stevig zitten zonder dat je daarbij te veel op je stuitje drukt terwijl je baby tegelijkertijd de ruimte heeft om geboren te worden. Je leunt licht achterover, met je benen wijd en geboden en met je voeten plat op de grond. Je partner of iemand anders kan eventueel achter je gaan zitten om je te steunen. Wanneer hij (of zij) zijn benen tegen je oksels en romp aan drukt, kun je goed kracht zetten met je rompspieren. Het grote voordeel van zo'n verticale bevalling is dat de zwaartekracht een handje meehelpt om je baby door het baringskanaal te laten passeren. Bovendien is in deze houding de druk in de baarmoeder groter, waardoor de weeën krachtiger zijn. Het gevolg is dat je op deze manier vaak minder lang hoeft te persen dan bij een horizontale bevalling (waarbij je op je rug of zij ligt).
[Naar boven]

Liggend op de rug
In deze houding kun je de meeste kracht zetten wanneer je je voeten optrekt en je knieën vastpakt met je handen. Zorg er dan wel voor dat je rug niet bol komt te staan en probeer hierbij je schouders zo veel mogelijk te ontspannen. Het is prettig als iemand je hoofd ondersteunt wanneer je tijdens het persen je kin naar je borst brengt.
[Naar boven]

Liggend op de zij
Wanneer je liggend op je zij gaat persen, is het belangrijk dat je je beide benen gebogen houdt. Til hierbij het bovenste been op en hou het vast, of laat iemand anders dit voor jou doen. Een andere manier is om je been te laten rusten op iemand die op de bedrand zit. Pak met je onderste hand de bedrand vast; zo kun je de spieren aan de zijkant van je romp goed gebruiken.
[Naar boven]

Staand
Het voordeel van staand bevallen is dat je tijdens het persen veel bewegingsvrijheid hebt. Het is wel prettig wanneer je je hierbij aan iets of iemand vast kunt houden, bijvoorbeeld door ergens aan te hangen of op te leunen.
[Naar boven]

Hurkend
Gaat de bevalling heel snel of is er geen baarkruk aanwezig dan is hurkend bevallen een optie. In deze houding zit je gehurkt en 'hangen' je armen op de bovenbenen van iemand die achter je op bed zit. Hierbij ondersteun je jezelf dus door met je armen over de benen van je partner te leunen; deze steun kun je vervolgens gebruiken om extra kracht te zetten. Een nadeel van deze houding is wel dat het meestal niet heel lang vol te houden is.
[Naar boven]

Op handen en knieën
Wanneer je last van je rug of van aambeien hebt, is dit de meest prettige houding omdat je zo de druk op je onderrug, stuitje en anus zo laag mogelijk houdt. Terwijl je op je knieën zit, steun je op je handen of je leg je je armen op bed of om de heupen van iemand die op bed zit. In deze laatste houding leg je je hoofd in zijn of haar schoot.
[Naar boven]

Baarschelp
De baarschelp is een soort kruk in de vorm van een schelp die gebruikt wordt bij vrouwen die hurkend op bed willen bevallen. In tegenstelling tot bijvoorbeeld de baarkruk kan de baarschelp dus op bed gebruikt worden - wat een groot voordeel voor de verloskundige is. Je leunt tegen een ruggensteun op bed of tegen de benen van je partner wanneer je op de grond bevalt. Je partner zit hierbij op een stoel. Tijdens de wee zak je door je knieën en kantel je je bekken iets naar voren.  Je zult merken dat dit eigenlijk vanzelf gaat wanneer je je gevoel volgt. In het begin van het persen zak je minder ver door je knieën dan aan het eind van de bevalling als het hoofdje iets zichtbaar wordt. Door verder door de knieën te zakken, vergroot je de bekkenuitgang waardoor je kindje makkelijker geboren kan worden. Tussen de weeën door kun je eventueel gewoon gaan staan of ergens aan gaan hangen. Wanneer je met behulp van een baarschelp bevalt, is het trouwens heel makkelijk om zelf je kindje aan te pakken zodra het geboren wordt.
[Naar boven]

In bad
Veel van de hierboven genoemde houdingen zijn natuurlijk ook in bad uit te voeren. Door de temperatuur en 'rustgevende' werking van het water, kunnen badbevallingen erg ontspannen verlopen. De meeste 'thuis-baden' zijn door ruimtegebrek echter niet geschikt om je kindje ook daadwerkelijk in bad geboren te laten worden. Het is natuurlijk wel een prettige manier om je (eerste) weeën op te vangen.
[Naar boven]

Let op! Wil je op de baarkruk, baarschelp of in bad bevallen, overleg dit dan van tevoren met je verloskundige. Ook kan ze tijdens de bevalling eventueel nog inschatten of dit mogelijk is. Wil je graag thuis in bad bevallen, dan kun je hiervoor een speciaal bad huren.

Bron: 
Duik in je weeën! Een bewuste voorbereiding op je bevalling (18e druk, 2008). Carita Salomé en Juliëtte de Wit. Houten: M.O.M.;
www.duikertje.nl;
www.babytjes.nl;
zwanger.jongegezinnen.nl