Kraamzorguren

Behoefte aan kraamzorg duidelijk in kaart gebracht

Sinds januari 2006 is het Landelijk Indicatie Protocol ingevoerd dat voorschrijft dat de zorgbehoefte op drie verschillende momenten geïnventariseerd moet worden. Dit gebeurt door de intakemedewerker en/of de verloskundige.

De eerste inventarisatie vindt plaats tijdens het (eerste) intakegesprek door één van onze intakemedewerkers, de tweede indicatie gebeurt kort na de bevalling en wordt uitgevoerd door de verloskundige. De derde en laatste inventarisatie vindt plaats in de kraamperiode en wordt ook uitgevoerd door de verloskundige.

Door middel van deze inventarisatie(s) krijgt iedereen inzicht in de zorgbehoefte: de (toekomstige) kraamvrouw, het bureau dat de kraamzorg voor jullie regelt en de verloskundige, ze weten allemaal waar ze aan toe zijn. De vragen die tijdens deze inventarisatie gesteld worden en de antwoorden daarop leiden tot het formuleren en vaststellen van de zorgbehoefte.

Minimaal 24 uur en maximaal 80 uur kraamzorg

Het minimum aantal uren kraamzorg bedraagt 24 uur, berekend vanaf de dag van de geboorte. Wanneer de kraamverzorgende specifieke assistentie heeft verleend tijdens de bevalling (partusassistentie), dan tellen deze uren in dit geval niet mee. Het maximum aantal uren kraamzorg bedraagt 80 uur, verdeeld over maximaal 10 dagen. Wanneer jullie in aanmerking komen voor het maximum aantal uren, dan tellen de uren voor partusassistentie overigens wél mee.

De verloskundige beoordeelt vervolgens of kraamzorg op de  9e of 10e dag (nog) nodig is . Datzelfde geldt wanneer er een ziekenhuisopname heeft plaats gevonden, ook die uren worden - op indicatie van de verloskundige - in mindering gebracht op het totaal aantal uren kraamzorg

Het standaard aantal uren kraamzorg volgens het Landelijk Indicatie Protocol is overigens 49 uur.

Aantal uren kraamzorg op basis van eerste indicatie

Wil je alvast een idee hebben voor hoeveel uur kraamzorg jullie in aanmerking komen tijdens de eerste indicatie, vul dan onderstaande vragenlijst in. Iedere vraag moet met 'ja' of 'nee' beantwoord worden.

Landelijk Indicatie Protocol
 
 
ja nee
1)
Is iemand anders dan uzelf, eindverantwoordelijk voor het huishouden en zorgt hij/zij voor het uitvoeren van een groot aantal huishoudelijke taken? Bijvoorbeeld als u bij uw ouders inwoont.
2)
Heeft u een (verstandelijke) handicap?
3)
Bent u recentelijk gescheiden van uw partner of is de relatie tussen u en uw partner verbroken?
4)
Is er recent iemand overleden in de eerste lijn van uw familie (ouders, broer, zus, kind)?
5)
Heeft u twee andere kinderen onder de vier jaar, die aanwezig zijn in de kraamperiode?
6)
Heeft u drie andere kinderen onder de zes jaar, die aanwezig zijn in de kraamperiode?
7)
Beheerst u de nederlandse taal niet of in onvoldoende mate?
8)
Gaat u borstvoeding geven?
9)
Bent u slechtziend of slechthorend
10)
Bent u niet fysiek zelfredzaam (u heeft last van lichamelijke aandoeningen)?
11)
Denkt u van uzelf dat u meer dan gemiddeld onzeker bent over de bevalling en de kraamperiode?
12)
Heeft u tijdens een eerdere zwangerschap een postnatale depressie gehad, waarbij u onder professionele behandeling bent geweest?
13)
Bent u bekent met een psychiatrische aandoening? (diagnose dient gesteld te zijn door een arts)
14)
Bent u zwanger van een meerling?